H. CLEMENS VAN ROME
(Soort document: Paus Benedictus XVI - Audiëntie)
Paus Benedictus XVI -
7 maart 2007
De directe aanleiding van de brief geeft de Bisschop van Rome de mogelijkheid uitvoerig in te gaan op de identiteit van de Kerk en haar zending. Als er in Korinte misbruiken zijn geweest, merkt Clemens op, dan moet de reden daarvan gezocht worden in het verflauwen van de liefde en de andere onmisbare christelijke deugden. Daarom roept hij de gelovigen op terug te keren tot de nederigheid en de broederlijke liefde, twee deugden die echt constitutief zijn voor het in de Kerk zijn: "Wij zijn een heilig (volks)deel", spoort hij aan, "laten wij dus alles doen wat de heiligheid vereist"
H. Paus Clemens Romanus, Aan de Korintiërs, I Clemens - Ad Corinthios. 30, 1.
In het bijzonder herinnert de Bisschop van Rome eraan dat de Heer zelf "heeft vastgesteld waar en door wie Hij wil dat de liturgische diensten worden verricht, opdat alles, heilig gedaan en met zijn welbehagen, ook aanvaard kan worden volgens zijn wil... Aan de hogepriester immers zijn liturgische taken toevertrouwd die hem eigen zijn, voor de priesters is de plaats geordend die hun eigen is, aan de levieten komen hun eigen diensten toe. En de man "uit het volk", de "leek", is gebonden aan de ordeningen voor de leken" H. Paus Clemens Romanus, Aan de Korintiërs, I Clemens - Ad Corinthios. 40, 1-5: opgemerkt zij dat hier, in deze brief van het einde van de eerste eeuw, voor de eerste keer in de christelijke literatuur de Griekse uitdrukking "laikós" verschijnt, wat wil zeggen "lid van het laos", dat is "van het volk van God".
© 2007, Libreria Editrice Vaticana / SRKK / Stg InterKerk
Vertaling uit het Italiaans, nummering en indeling van de alinea’s: Past. Chr. v. Buijtenen pr.